|
Melknet Bis
|
|
De bemonstering
De bemonstering gebeurt bij voorkeur door de bedrijfsdierenarts en onder zijn verantwoordelijkheid.
- Melkbuisjes
- plastieken buisjes voor éénmalig gebruik ( machinesteriel geleverd );
- melkbuisjes en melkdozen of - kratjes worden op aanvraag via de ophaaldienst van MCC/DGZ , aan de DGZ-loketten of bij MCC ter beschikking gesteld.
- Werkwijze bij de bemonstering
- in principe neemt men steeds kwartiermelkmonsters;
- de bemonstering gebeurt best tijdens het melken voor het aansluiten van het melkstel;
- de uier wordt - indien nodig - gewassen en vooral goed afgedroogd;
- de slotgaten worden vervolgens grondig ontsmet met een tampon gedrenkt in ontsmettingsalcohol ( ethanol, isopropylalcohol );
- de eerste 3 tot 4 melkstralen worden verwijderd;
- in de melkbuisjes worden enkele melkstralen opgevangen, waarbij gezorgd wordt dat het buisje niet in contact komt met de tepeltop en er geen stof of haar in terecht komt (*) Zie opmerking bij procedure "Attentiekoeien".
- Identificatie van het materiaal
- de melkmonsters
- worden geïdentificeerd door hun positie in de melkdozen of kratjes : 1°, 2°, ... koe en LV-, LA-, RA-, en RV- kwartier
- de buisjes worden geplaatst zoals op de dozen of het formulier is vermeld;
- de oornummers van de bemonsterde dieren worden genoteerdop de bijgevoegde aanvraagformulierenwaarbij de volgorde in de dozen of kratjes gerespecteerd wordt ;
- vermeld bij het volledige pakket steeds de volgende gegevens
- naam en adres van de veehouder
- beslagnummer en leveraarsnummer bij de zuivelfabriek;
- naam en ordenummer van de bedrijfsdierenarts.
- specifieer de uit te voeren analyses:
- kiemisolatieen - differentiatie:
- standaard aërobe kultuur ;
- differentiatie van coliforme bacteriën ;
- mycoplasma ;
- gevoeligheidsbepalingen (antibiogram):
- standaard antibiogram voor grampositieve kiemen ;
- specifiek antibiogram voor grampositieve melkbacteriën ;
- celgetalbepaling.
- Transport
- de monsters moeten in gekoelde omstandigheden bewaard en naar het laboratorium worden gebracht ( < 4° C ) ,;
- maak bij voorkeur gebruik via de ophaaldienst die MCC en DGZ voor de dierenartsen organiseren;
- indien het overbrengen naar het laboratorium meer dan 48 uur na de bemonstering wordt voorzien, kunnen de monsters worden diepgevroren ( - 18 °C ).
- Rapportering en facturatie
- het resultaat van het onderzoek is meestal na 2 tot 3 werkdagen beschikbaar en wordt gerapporteerd aan
- de bedrijfsdierenarts per mail of fax
- de melkveehouder per post.;
- andere(n): in dit geval duidelijk de coördinaten vermelden op het aanvraagformulier.
- de facturatie gebeurt - tenzij anders afgesproken - via de maandelijkse melkafrekening van de zuivelfabriek.
|
|